DE STIPPELLIJN
Op een verschrikkelijk warme middag beland ik in Café De Merckt.
Ik zoek een plekje in de schaduw en zie Bert voorbijlopen.
"Alles onder controle in de keuken?"
Bert is al sinds mensenheugenis chef-kok van De Merckt. Een
prima kok. Maar vooral een prettige persoonlijkheid. En dat kun je niet van
alle chef-koks zeggen.
Hij schuift even bij me aan.
"Rustig vandaag," zegt hij. "Waarschijnlijk te
warm. En ze voorspellen rond zes uur flink onweer."
We praten over humor aan de bar en de grappigste verhalen die we
ooit hebben meegemaakt of gehoord. We hebben schik. Tranen van het lachen.
Dan vertelt Bert over zijn opa.
"Mijn opa was niet vies van een borrel. Gezellige man.
Heerlijk."
Op een avond fietst opa vanaf de kroeg naar huis over de dijk.
Het zal zo'n vijftig jaar geleden zijn geweest.
Plotseling wordt hij aangehouden.
"Meneer Van Mooijen, wilt u even afstappen?"
"Natuurlijk, agent."
Een beetje wankel stapt opa af. Hij gaat naast zijn fiets staan,
brengt een slordige groet en zegt:
"Tot uw dienst, edelachtbare."
De agent moet zichtbaar moeite doen om serieus te blijven.
"Heeft u wat gedronken, meneer Van Mooijen?"
"Kleinigheidje."
"Dat dacht ik al. Wilt u eens zonder fiets over de witte
stippellijn lopen?"
Opa geeft zonder aarzelen zijn fiets aan de agent. Spreidt zijn
armen als een balletdanser en loopt kaarsrecht vooruit.
Geen centje pijn.
De agent schudt zijn hoofd.
"Ik zal u matsen. Als u nu lopend naar huis gaat en de
fiets laat staan, krijgt u geen boete."
"Hoezo?" vraagt opa verbaasd. "Het ging toch
uitstekend?"
De agent kijkt hem aan.
"Meneer Van Mooijen..."
"...er staat helemaal geen stippellijn op de weg."

Reacties
Een reactie posten