Posts

Posts uit mei, 2026 tonen

KERMIS

Afbeelding
  Het is geen best weer en ik stap met mijn krant het café binnen. Terras is geen optie voor me. “Elipsje Fons?” “Toe maar dan,” grap ik. Mijn biertje wordt geserveerd. Op een viltje. Logo naar voren. Zoals het hoort en ik het waardeer. Café De Merckt. Nadat ik de krant heb doorgeworsteld stapt Johan binnen. Ook wel Giovanni genoemd. Geen idee waarom. Er zit werkelijk niets Italiaans in zijn genen. Een man uit de Betuwse klei. Puurder kan je ze niet vinden.  Ik schuif bij hem aan en we nemen samen de week door. Ons ritueel.   De deur gaat open en een gezette, forse, net iets te zongebruinde man komt binnen. Een zestiger. Hij zet zich aan de bar en bestelt een biertje. Hij blijkt Jan te heten.  Even later komt zijn kompaan binnen. Minder gezet. Minder bruin. Ook zestiger. Joop. “Wat mag ik voor je inschenken?” vraagt de barman. “Doe mij maar een Pinot Grigio-achtig iets. Met ijs.” De barman snapt het en serveert zijn wijn. We raken in gesprek... Wa...

ARCHIEF 6, KAST 26, PLANK C

Afbeelding
  Niet dat ik tot tranen toe geroerd was. Maar het deed wel wat met me.                                               Twee jaar geleden schreef ik mijn eerste verhaaltje. Plaatste het op social media. Vervolgens liep het uit de hand. Ik werd aangemoedigd om meer te schrijven.  Omdat ik veel meemaak, zie, hoor en beleef lukte dat prima. Verhalen stapelden zich op. Dat mondde uit in een verhalenbundel. Een echt boekje. Van mij. Nóóit kunnen bedenken. Wat gebeurt er? De interesse is overweldigend. De krant, recensenten, regionale omroep, Wereldomroep en de Nationale Ziekenomroep zoeken me op. Fonzies Verhalen valt op. Maar dan… een berichtje van RAR.  Wat is RAR? Blijkt: Regionaal Archief Rivierenland. “Mogen wij uw boek opnemen in ons archief?” Daar ligt het nu. Geconditioneerd. In de kelder. Voor de eeuwigheid. Opvraagbaar voor jou. Opvraagbaa...

TALENT

Afbeelding
  Vandaag zit alles mee. Het weer is verrassend mooi. Mijn zwemlessen verlopen soepel. En ik ontmoet een mooi verhaal... In mijn stamcafé De Merckt is een kunstenares bezig met het aanbrengen van een muurschildering. Ik ben onder de indruk. Mijn krant leidt het onderspit en ik volg alleen nog maar de penseelstreken van Natascha. Zo heet ze. Bierglazen met schuimend bier krijgen steeds meer vorm op de muur. Even later raken we in gesprek. Ze schuift aan en vertelt over haar werk, haar leven en haar vader.  Hij had een talent. Renoveerde monumentale gevels. Als jonge dame raakte ze elke keer weer onder de indruk als ze hem bezocht op zijn klus.  Ging op in zijn werk. In zijn talent. Vergat dan alles.  Vergat dat hij een klote jeugd heeft gehad. Als kind in een niet te benijden gezinssituatie. Bespot, vernederd en geslagen. “Hij werkt niet meer. Wandelt als zeventiger dagelijks door de duinen. Vergeet dan alles.” "Weet je wat hij deze week nog tegen me zei?" I...

GELUKSVOGELS

Afbeelding
  Het is een week voor ons vertrek naar Nieuw-Zeeland. Een maand van huis. Alles is geregeld. Zelfs het Ministerie van Buitenlandse Zaken is ingelicht. ‘Dan weten ze wie ze moeten zoeken of evacueren in geval van nood,’ grap ik tegen mijn vrouw. Twee dagen voor vertrek: een e-mail met prioriteit. Van Buitenlandse Zaken. Noodtoestand op het Noordereiland. Hevige regenval, cyclonen, modderstromen. Dit meen je niet. Code groen blijft gelukkig van kracht. Maar alertheid is het devies. Enfin. Aangekomen in Nieuw-Zeeland worden we hartelijk ontvangen door onze vrienden. We horen de verhalen van de afgelopen week. Onheilspellend. En het weer? Dat doet hardnekkig zijn best om zomers te worden. Tussen stortbuien en windstoten door lukt dat verrassend goed. Drie weken lang genieten we van een sprookjesachtig land. Nauwelijks terug in Nederland sturen onze vrienden alweer foto’s. Noodweer. Opnieuw. De NOS volgt met verontrustend nieuws. Hier dient de lente zich a...

KRANTENLOPEN

Afbeelding
      Ik ben nog steeds een fervent krantenlezer. De fysieke welteverstaan.  Met die onhandig grote pagina’s. Heerlijk.  Dat komt ongetwijfeld uit mijn jeugd. Mijn beide oudere broers liepen de ochtendkrant. Dat wilde ik ook. Krantenlopen. Zo noemden we dat. Terwijl de fiets toch echt het werk deed. Zelf geld verdienen. Eigen wijk. Eigen verantwoordelijkheid.  Alleen… ik was twaalf. Eigenlijk te jong.  Toch lukte het.  Ik kreeg een klein wijkje in een nieuwbouwwijk in aanbouw. Twee flats, verder vooral zand en grote vijvers.   April 1973. Er trok een storm over Nederland. Windkracht 8, misschien wel 9.  Tijdens het eten keek mijn moeder bezorgd op.  'Is het wel verstandig dat Fonsje morgenvroeg op pad gaat?’ Dat schoot bij mij in het verkeerde keelgat. Storm of niet, ik had een wijk.  Maar de oplossing lag snel op tafel: mijn broer Theo zou met me meegaan. Ik hem helpen, hij mij. De volgende ochtend. Zes uur....

ZEGGEN WAT JE DENKT

Afbeelding
  Op een prachtige lentedag beland ik op het terras van Café De Merckt. In de schaduw, krant erbij. Klaar om hem van voor tot achter, en weer terug, door te nemen. Maar dat feestje gaat niet door. Een vitale man van een jaar of zeventig ploft neer aan het tafeltje naast me en er ontsnapt een diepezucht. Korte broek. Witte lentebenen. Gymschoenen. Blauw T-shirt met een NS-logo. Typische dagtoerist. Waarschijnlijk. Ik probeer me te verdiepen in lokale politieke twisten, als hij begint te praten. Dacht ik.. ‘Hoe lang is het lopen naar het station? Welke kant moet ik op?’ Ik draai me naar hem toe om te antwoorden, maar zie dat hij in zijn rugtas graait terwijl hij tegelijk zijn veter probeert te strikken. Ik besta niet. Niemand bestaat. Hij praat niet tegen mij. Hij praat hardop. ‘Ik denk dat ik een koffie neem. Zwart. Met veel suiker.’ Ik kijk hem aan. Hij kijkt nergens naar. Nog steeds in gevecht met zijn schoen. ‘Potverdorie… rotveter. Mijn ogen worden ook niet...