DOORZICHTIG SMOESJE...?
Op een vaste ochtend in de week sta ik, als badmeester
van dienst, paraat aan de rand van het zwembad. Het is dan tijd voor het
zogenaamde “banenzwemmen”. Een kalm ritueel dat zich in alle vroegte voltrekt,
nog vóór de stad echt ontwaakt.
Vanaf acht uur druppelen de zwemmers binnen, gehuld in
badjassen, handdoeken om de schouders geklemd, sommige nog met slaperige ogen.
Aan de rand van “het diepe” heet ik ze welkom. Daar duiken ze, soms aarzelend,
soms met een vastberaden plons het blauwe water in.
Dezelfde gezichten keren telkens terug. Een bonte
stoet van jong en oud, elk met hun eigen verhaal. De een komt om de dag fris te
beginnen, de ander om de spieren soepel te houden of simpelweg om alles even
los te laten.
In de loop der tijd zijn het geen vreemden meer. Ik
ken hun rituelen, hun tempo’s en verhalen. Mijn pappenheimers!
Het is een beetje zoals bij de bakker, slager of in
extremis de kapper; een vriendelijk “goedemorgen”, het weer van de dag,
vakantieverhalen, een flauwekulletje of een samenvatting van een medisch
dossier. Als badmeester ben je dan de “praatboei”.
Het leven rondom “het diepe” is zelden saai en soms
zelfs verrassend!
Zoals ook deze keer……………………
Tijdens één van mijn observatierondjes om het bad zag
ik vanuit mijn ooghoek een nieuw gezicht. Een voor mij onbekende dame begaf
zich vanaf de douches richting het zwembad.
Voor mij een signaal om haar kant op te gaan voor een
“hartelijk welkom” en haar wegwijs te maken met de spelregels van het
“banenzwemmen”. Want die zijn er wel degelijk!
Tot mijn verrassing hoefde ik nauwelijks een stap te
zetten. Zij had mij waarschijnlijk al eerder in het vizier voordat ik haar
überhaupt had opgemerkt. Met een zelfverzekerde glimlach, die niets aan het
toeval overliet, kwam ze mijn kant op. Haar uitstraling liet niets te raden
over: een vrouw in de kracht van haar leven, begin veertig, met een figuur die
de tand des tijds prima had doorstaan.
“Badmeester, kunt u mij helpen? Ik heb een
probleem!”
Ik kijk haar vragend aan waarop zij haar probleem uit
de doeken doet.
“Ik ben vergeten mijn kettinkje af te
doen. En mijn leesbril ligt in mijn tas, in de kleedruimte. Zou u het voor mij
los kunnen maken?”
Mijn ogen glijden naar haar pols, waar ik het bewuste
kettinkje verwacht.
“Nee!”, zegt ze haast verontwaardigd. “Dít
kettinkje!” Ze wijst naar haar hals, waar een fijn
kettinkje strak tegen haar huid ligt. Minuscule schakeltjes en een nog kleiner
slotje. Alleen op de tast los te krijgen.
Maar ach……. voor mij geen zwembad te diep en geen
duikplank te hoog.Na wat gepriegel en gefrunnik lukt het me haar te verlossen
van het halsbandje.Ze knikt dankbaar, glijdt sierlijk het water in en ik hervat
mijn ronde langs de badrand
Ondertussen gaan mijn gedachten terug naar dat wat
zich zojuist had afgespeeld: nauw sluitend kettinkje…… leesbril in de tas…?
Plotseling valt het kwartje.Geen enkele bril had haar
kunnen helpen met dat slotje. Zelfs niet met een loepfunctie.
Doorzichtig smoesje?
Ik glimlach in mezelf.
Ik heb er weer een pappenheimer bij.
.jpg)
Reacties
Een reactie posten